LezenTV

Interview op LezenTV

“In de nieuwe roman van Jannah Loontjens worstelt een jonge vrouw zich door een geslaagd leven met gezin, baan en vrienden dat een veelheid aan keuzes biedt. Facebook brengt haar de escape van een parallel universum van verliefdheden en seks met totale vreemden,” vat LezenTV samen. Bekijk het interview hier.

#Leesvrouwen

#Leesvrouwen

Naar het voorbeeld van Britse schrijvers en literatuurcritici die opriepen een jaar lang alleen boeken te lezen die geschreven zijn door vrouwen – ‪#‎readwomen2014‬ – riep Kirsten van Santen op om ook in Nederland een jaar lang enkel boeken van vrouwen te lezen ‪#‎leesvrouwen‬. Dit klinkt misschien radicaal, maar een jaar lang alleen boeken van mannen lezen, gebeurt toch vaak ongemerkt. Waarom niet een keer alleen van vrouwen? Hierop reageerden 700 lezers die mee willen doen, (vrouwen én mannen), en het eerste boek dat ze hebben geselecteerd is Misschien wel niet van Jannah Loontjens. De leesclubs kunnen vragen stellen aan Jannah op 5 november in Leeuwarden, op 6 november in Groningen.

 

Verder is Jannah te zien bij de Lunchlezing van Post Scriptum in Schiedam op 2 november.

En op 20 november in Bos en Lommer bij BOLO belooft.

Online recensies van ‘Misschien wel niet’

Online blogs/besprekingen van Misschien wel niet

 

‘Twijfel niet of je dit boek zal lezen.’ Lees meer.

 

‘Het boek had ik binnen no-time uit en was een zeer aangename kennismaking met het werk van Jannah Loontjens. Ik raad het leeftijdsgenoten dan ook zeker aan omdat het zo herkenbaar is.’ Lees meer.

 

 ‘Misschien wel niet is een boeiende roman waarin je meegezogen wordt in de gedachten- en leefwereld van een hedendaagse vrouw die ten onder dreigt te gaan aan haar onvermogen om haar leven richting te geven.’ Lees meer.

 

‘Keuzes maken is voor velen lastig. Ik kan jou op één punt helpen met een beslissing nemen: je hoeft namelijk niet te twijfelen of je deze roman misschien wel of misschien wel niet gaat lezen. Gewoon doen.’ Lees meer.

 

‘Er is een boek over mij verschenen’. Lees meer.

 

‘Misschien wel niet: existentiële twijfel in tijden van Facebook.’ Lees meer.

 

‘Een prachtig verhaal dat je (ongewenst) de herfst intrekt…’ Lees meer.

‘Misschien wel niet’ enthousiast ontvangen

‘Intelligent, authentiek en vermakelijk.’

**** de Volkskrant

 

‘Met deze tot nadenken stemmende roman bewijst Loontjens de kracht van literatuur.’

Lees hier de bespreking in De Tijd

 

‘Een rijke, spannende roman die een baaierd aan ideeën subtiel door het verhaal weeft.’

Trouw

 

‘Knappe easyread die aanzet tot nadenken over onze persoonlijke waarden in het leven.’

Lees hier de bespreking in ZIN Magazine

 

‘De roman ontpopt zich zo tot een op zichzelf overtuigende zedenschets van hoogopgeleide mensen in de grote stad.’

*** NRC Handelsblad

Interview’ in NRC.

 

Interview in NRC Handelsblad

De nieuwste roman van Jannah Loontjens (39) –schrijver, dichter en filosoof –gaat over een jonge vrouw die een leven leidt dat exemplarisch is voor de hoogopgeleide dertigers en veertigers van deze tijd. Alles kan, alles wordt betwijfeld.

 

door Jannetje Koelewijn

De nieuwste roman van Jannah Loontjens (39) –schrijver, dichter en filosoof –gaat over een jonge vrouw die een leven leidt dat exemplarisch is voor de hoogopgeleide dertigers en veertigers van deze tijd. Alles kan, alles wordt betwijfeld.

 

Writer-in-residence

„Dit is mijn eerste dag bij het NIAS in Wassenaar –ik ben writer in residence –en vannacht heb ik hier ook voor het eerst geslapen. Zo’n luxe: een eigen werkkamer in een prachtig landhuis vlak bij zee, ’s middags hoor je via de intercom dat de warme lunch klaarstaat, en het enige wat ik hoef te doen is schrijven. Ik kan niet wachten om te beginnen. Het wordt deze keer iets heel mafs, Heideggers denken over Hölderlin, half autobiografisch, half essayistisch. De andere mensen hier zijn allemaal gepromoveerde academici die een jaar lang de tijd krijgen om ongestoord om aan een onderzoek te werken. Gisteren zat ik tijdens de lunch naast iemand uit New York die zich naar aanleiding van Pussy Riot bezighoudt met populaire muziek en feminisme in het Rusland van na de Sovjet-Unie. Er is ook iemand die onderzoek doet naar beelden van het oude Rome in de poëzie, hoe die ons denken over de Oudheid bepaald hebben. De meeste onderzoekers zitten hier voor een jaar, ik ben er voor een halfjaar, en ik zal regelmatig naar huis moeten voor mijn kinderen, op de dagen dat ze niet bij hun vader zijn. Ik heb een meisje van tien en een jongen van bijna zeven.”

 

Misschien. Wel. Niet.

„De woorden uit de titel van mijn boek staan niet voor niets onder elkaar, ze drukken zo nog beter de twijfel uit waar mijn hoofdpersonage zich door laat leiden. Mascha laat alles maar gebeuren, ze vindt het moeilijk om in te grijpen of te oordelen. Ze maakt zichzelf wijs dat het allemaal niet echt is wat ze doet. Zelfs de internetaffaire die ze heeft, met een Marokkaanse jongen, ontkent ze min of meer. Ze heeft de jongen nooit in levende lijve ontmoet en ze vindt dat haar online-affaire daardoor ook niet ‘echt’ is. Ondertussen gaat ze wel steeds een stap verder, tot ze zich begint uit te kleden voor de webcam. Ik heb in deze roman een generatie willen spiegelen –mijn eigen generatie –van dertigers en jonge veertigers die zich als studenten blijven gedragen, ook al hebben ze kinderen en een partner en een baan. Eeuwige pubers noemt Juli Zeh ze, de Duitse schrijver. Ze gaan spelenderwijs door het leven en twijfelen aan alles, want die baan van ze, is dat wel de beste baan? Hebben ze de beste partner? En hoe leuk is het eigenlijk om vader of moeder te zijn?”

 

Nooit iets hoeven uitleggen

„Het is waar dat ik filosoof en literatuurwetenschapper ben, ik ben zelfs gepromoveerd, maar ik voel me geen academicus. Gisteren bij mijn presentatie voor de andere mensen hier in het NIAS heb ik alleen maar gezegd dat ik schrijver ben. Het academische werk heb ik altijd als een soort oefening gezien, zoals alles misschien wel een oefening is, een oefening in eh…ja, in wat eigenlijk? Mijn romans en mijn gedichten komen van veel dieper. Alles wat er gebeurt, wat ik zie en meemaak, kan ik gebruiken, overal zie ik verhaallijnen. Als academicus kun je een observatie doen die mooi of scherp is, maar dan nog zul je die in verband moeten brengen met de observaties van andere academici, wat die erover geschreven hebben. Je moet verantwoorden, uitleggen. In de literatuur hoef je niets uit te leggen. Je laat zien en voelen en meemaken.”

 

Uitkleden voor de webcam

„Je kunt zeggen dat alle fictie autobiografisch is, want wat je ook schrijft, het komt voort uit je eigen verbeelding. Aan de andere kant kun je ook zeggen dat autobiografie altijd fictie is: je maakt van jezelf een verhaal. Maar jij wilt natuurlijk weten in welke mate Misschien wel niet over mezelf gaat. Deze roman is zeer persoonlijk, dat is zo, maar ik ben Mascha niet. Zij is bacterioloog, ze woont samen met de vader van haar tweede kind, ze heeft twee jongens die heel anders zijn dan mijn kinderen. Tegelijkertijd zit ik in al mijn personages wel een beetje, al laat ik ze dingen doen die ik zelf nooit zou durven, zoals dat uitkleden voor de webcam of coke snuiven met vrienden terwijl de kinderen in de kamer ernaast liggen te slapen. Ik heb het allemaal met enorm veel plezier opgeschreven, vooral de slotscène, waarin alles ontspoort. Ik heb echt hardop zitten lachen. In mijn romans word ik niet gehinderd door de schroom en empathie die ik in mijn normale leven wel voel. In het normale leven heb ik snel met mensen te doen.”

 

Mijn moeder was geshockeerd

De vriend van Mascha, Tom, laat ik in mijn boek zeggen dat de dertigers en veertigers een generatie van willozen zijn. Dat is een overdrijving, want ik weet wél wat ik wil en al ben ik iemand die het lastig vindt om een standpunt in te nemen –ik zie altijd de andere kant en de uitzonderingen –heb ik veel vrienden die ook heel goed weten wat ze willen. Maar we konden lang studeren en we maakten lang niet alles af, we hadden heel veel keuze en we moesten niets. Dat kan tot willoosheid leiden. Daarmee draag ik geen boodschap uit en ik vel er ook geen oordeel over, het is een portrettering. Toen mijn moeder mijn boek gelezen had, was ze geshockeerd. Ze vroeg zich af of ze zich zorgen om me moest maken. Zij heeft de jaren zestig meegemaakt, ze was een hippie, al wil ze niet zo genoemd worden. Ze was dus ze wel wat gewend, maar dat coke snuiven waar ik over schrijf, met de kinderen erbij –deed ik dat ook?”

 

Dansen rond het kampvuur

„De eerste jaren van mijn leven heb ik met mijn vader en moeder en mijn broer in Zweden gewoond, in een verlaten huisje ergens in een groot bos, zonder stromend water of elektriciteit. Er waren daar meer mensen zoals wij, ze kwamen uit heel Europa daar naartoe, en ik herinner me de kampvuren, en dat er dan gedanst werd. Mijn vader is beeldend kunstenaar, maar werkte in die tijd als houthakker en later repareerde hij machines bij een bedrijf. Mijn moeder zorgde voor ons. Ze was er, denk ik, doodongelukkig. We waren alleen maar bezig met overleven. ’s Winters vroor het er twintig graden, het was maar een paar uur per dag licht, we pasten om de beurt op het vuur zodat het aan bleef, de bron was vaak bevroren, waardoor er geen water was. Op mijn negende is ze teruggegaan naar Nederland. Mij nam ze mee, mijn vader en mijn broertje zijn daar gebleven. Ze wonen er nog steeds. Mijn broer heeft een Zweedse familie opgebouwd. Mijn moeder was goudsmid voordat ze naar Zweden ging, maar daarna is ze naar de kunstacademie gegaan en later werd ze filmmaker.”

 

Meeuw en psychiater

„Sinds twee jaar ben ik met Sven Weyens, een Belg, uit Antwerpen, net zo oud als ik. Hij is cellist in het Residentie Orkest en hij is ook zanger, bas-bariton. We hebben samen een muzikaal luisterboek gemaakt, Gesprek tussen de meeuw en de psychiater, dat in januari verschijnt. (Zie www.aapnoot.com) Het ontstond spelenderwijs. Moeilijk om uit te leggen wat het precies is, je moet het horen, maar het begon ermee dat Sven een opnameapparaat op zijn telefoon had en overal geluiden opnam. Op een dag stond ik in de keuken spekjes te bakken, tsjj, tsjj, tsjj, dat gebruikten we als ritme, hij speelde er gitaar en cello bij en ik wilde er een gedicht bij voordragen. Uiteindelijk werkte hij het uit tot een heel bijzonder nummer. Alle instrumenten die je hoort worden bespeeld door Sven –hij kan dat.”

 

Eenzame uitvaart

„Eens in de zoveel tijd krijg ik een telefoontje van F. Starik: ’Ik heb weer een dode voor je’. Hij heeft het initiatief genomen voor de Eenzame Uitvaart, waarbij dichters een gedicht schrijven voor de uitvaartceremonie van mensen die in eenzaamheid sterven en geen nabestaanden hebben. Dan krijg ik de gegevens en ga ik nadenken. Ik heb die persoon niet gekend, maar het is toch een afgesloten leven. Meestal zijn het treurige verhalen. Er was een jongen van dertig uit Letland die aan epilepsie leed en, terwijl hij langs de gracht liep, een aanval had gekregen en van de kade is gevallen. Hoe het precies is gegaan weet niemand, maar zoiets was het geweest. Zijn ouders hadden geen geld om hun zoon naar Letland te laten overbrengen of om naar Nederland te komen door de begrafenis. Je staat stil bij wat een leven is: je wordt geboren, je gaat een aantal fasen door en je sterft. Dat is wat we allemaal met elkaar delen. De nietigheid van het bestaan, de kwetsbaarheid.”

 

c. Jannetje Koelewijn

NRC Handelsblad, 6-09-2014

 

 

Interview BOEK Magazine

Groot interview in BOEK Magazine

In het café aan de gracht dat ze heeft uitgekozen om de prettige sfeer en de lekkere koffie vertelt Jannah Loontjens over haar hoofdpersoon Mascha, die het liefst niet ingrijpt in haar leven, niet in haar baan als microbioloog, niet in de opvoeding van haar twee zonen en niet in de Facebook-affaire, waar ze min of meer per ongeluk in belandt.

 

Mascha is een grote twijfelaar. Hoe exemplarisch is haar twijfel voor de tijd waarin wij leven?

Mascha is een vrouw die werkt en kinderen heeft en tegelijkertijd niet zeker weet of ze wel de goede keuzes maakt. Ze leeft nog steeds min of meer het leven van een student maar nu met een gezin erbij. Het is allemaal ongericht en vol. Volgens mij is dat heel sterk de tijdgeest van mijn generatie. Vroeger ging je studeren en als dat klaar was ging je over naar de volgende fase: werken en kinderen krijgen. Tegenwoordig blijft dat allemaal door elkaar lopen. We nemen onze baby’s mee naar het café en halen nog steeds wel eens een nacht door met vrienden en veel drank.

We hebben er steeds meer moeite mee om toegewijd te zijn. We denken niet snel: dit is mijn keuze, dit doe ik en dit wil ik volhouden tot het uiterste. Ik twijfel zelf ook over van alles, al heb ik het geluk dat ik heel zeker weet dat ik wil schrijven. Over de opvoeding van mijn kinderen twijfel ik veel. Het ene moment denk ik: ‘ik doe het zo’ en het andere moment doe ik dan toch weer zus. Net zoals veel mensen met banen aan het schipperen en shoppen zijn. Misschien is dat wel een teken van welvaart. Als er geen noodzaak is, kunnen mensen blijkbaar moeilijk zoveel toewijding opbrengen.

Het moederschap valt Mascha af en toe zwaar en daar voelt ze zich schuldig over. Zo vraagt ze zich af waarom zij niet, zoals de andere moeders, kan genieten van het samen cakejes bakken met haar kinderen. Waar komt dat schuldgevoel vandaan?

Sommige vrouwen vinden het een groot plezier om een kinderfeestje te organiseren, originele traktaties te bedenken en alles zo mooi mogelijk te versieren. Ik heb het idee dat de moeders bij wie die interesse niet zo ligt, zich steeds vergelijken met dat soort moeders en zich dan vaak tekort voelen schieten.

Als je een praktisch beroep hebt, trek je aan het eind van de dag de deur dicht en is je hoofd in principe vrij voor je kinderen, maar mensen die een intellectueel of artistiek beroep hebben zitten vaak in hun eigen gedachten en een kind kan daar enorm doorheen fietsen. Ik kan heel goed opgaan in kleien of hutten bouwen met mijn kinderen, maar ik moet me wel voornemen om dat te doen, en niet tegelijkertijd bijvoorbeeld nog iets willen lezen. Ik zet mijn telefoon vaak speciaal uit als ik met mijn kinderen bezig ben.

 

De invloed van de nieuwe media op ons leven speelt een grote rol in je boek. Wat fascineert jou daar aan?

Tijdens het chatten met verschillende mensen merkte ik dat je heel erg jouw sfeer op het gesprek kunt projecteren en dat je het gevoel kunt hebben dat je een enorme klik met iemand hebt, terwijl je eigenlijk helemaal niet weet of dat echt zo is. Zelfs met vrienden had ik wel eens misverstanden. Dan zat ik bijvoorbeeld enorm om iets te lachen, wat die ander helemaal niet als grap had bedoeld.

Het leek mij leuk om te schrijven over een personage dat op Facebook flirt met een man die ze niet kent. Mensen worden vaak onlineverliefd, maar dat is voor een groot deel gebaseerd op projectie: een eigen invulling van hoe zij denken hoe het kan zijn. In werkelijkheid bestaat verliefdheid natuurlijk ook deels uit projectie, maar deze wordt in de social media uitvergroot door de fysieke afwezigheid van de ander. Je ziet niet eens een blik, dus je kan niet weten hoe die ander echt reageert. Daarom geloof ik dat je jezelf voor de gek houdt als je denkt iemand te kennen met wie je alleen via internet contact hebt.

 

Hoe kijk jij als filosoof tegen deze media aan?

In mijn roman laat ik het personage Tom in navolging van Heidegger zeggen dat het explosieve gebruik van de nieuwe media staat voor een vlucht van onze eigen kwetsbaarheid en sterfelijkheid. Aan de andere kant zag Heidegger het ontdekken van nieuwe technologie als een vorm van vrijheid. Het is nooit eenduidig bij hem. Ik vraag me af of de media ons echt dienen, of ze een gemak zijn of een hindernis en of ze verslavend zijn. Deze media veranderen onze beleving van tijd en plaats en ik vind het opvallend dat de meeste mensen er gebruik van maken zonder vragen te stellen. Ze doen het omdat het kan. Ik vind het lastig om duidelijk stelling te nemen, omdat het nieuw is en het nieuwe ook vaak ten onrechte wantrouwen opwekt, maar ik vind het beslist zinnig om er over na te denken.

 

Hoe ga jij zelf met die media om?

Veel mensen zijn verslaafd aan hun telefoon. Je hoeft je in een gesprek maar even om te draaien of ze kijken op hun mobiel. Dat heb ik gelukkig niet, maar ik heb wel last van mijn computer. Vroeger had je een pen en papier en dat was het. Nu is je computer een toegang tot eindeloze communicatie. Wanneer ik schrijf en even zit na te denken, vind ik het moeilijk om niet mijn mail te gaan checken of even op Facebook te kijken. Dat doe ik te vaak en dan lees ik bijvoorbeeld opeens een mail van mijn accountant waar ik toch weer over ga nadenken. Als ik geconcentreerd wil werken, ga ik offline.

 

‘Helden en antihelden’ is het thema van dit nummer. Wie zijn jouw literaire (anti)helden?

Virginia Woolf en Franz Kafka inspireren mij. Alles wat ik van Woolf heb gelezen vind ik briljant: haar manier van schrijven en denken, haar geestigheid en haar taalgevoel. Ze had geen gemakkelijk leven en zat zichzelf behoorlijk dwars, maar dat wist ze te sublimeren in haar werk, net zoals Kafka, die moeite had met de kleinste dagelijkse dingen, maar daar wel fantastisch over kon schrijven. Zijn personages denken dat ze iets op een bepaalde manier gaan doen en gaan dan toch weer twijfelen of ze het niet beter anders kunnen doen. Die twijfel heeft prachtige kunst opgeleverd. Woolf en Kafka zijn als personen antihelden, maar als schrijvers grote helden.

c. Manon Duintjer

Tip van de maand in de Vlaamse ELLE

Misschien wel niet tip van de maand in de Vlaamse ELLE!

De schrijfster is een filosofe, maar geen type dat afstandelijk beschouwt. Ze ontleedt de tijdsgeest van binnenuit en duwt haar hoofdpersonage Mascha head first in het moderne leven. Mascha heeft een Internetminnaar, een brave (hoewel overspelige) echtgenoot, twee vermoeiende zoontjes, een carrière die pit mist, een oma die sterft en vrienden met wie ze thuis liederlijk avondjes beleeft. “Ik wou een boek schrijven dat aansluit bij het leven van nu,” vertelt Loontjens. “En dit leven is snel, dus het moest een compact boek zijn.” Misschien wel niet is een bondig boek, maar de ideeën hebben zwaarte en de schrijfstijl verraadt attitude. Tip van de maand!

ELLE: Mascha’s echtgenoot Tom staat sceptisch tegenover social media. Zijn pleidooi verrast in het boek van een schrijfster die vrolijk Twittert…

 

Jannah Loontjens: “Ik geloof niet dat ik een scherp afgelijnde mening heb over sociale media. Ik zie alleen dat ze zich snel ontwikkelen en veel impact hebben. Daar stel ik vragen bij. In mijn romans onderzoek ik fenomenen en belicht ik verschillende kanten ervan zonder per se een oordeel te willen vellen. Tom geeft zijn filosofische kijk op nieuwe media, Mascha beleeft het meer al doende. Ik weet niet of ze extreem is in de dingen die ze op Skype toont aan haar minnaar. Eén van de zaken die me boeien in online communicatie is de afwezigheid van schaamte. Contacten via computerscherm lijken nogal op kijken in de spiegel: je krijgt feedback, zonder dat je de blik van een ander op je voelt rusten.”

 

ELLE: Mascha gaat niet echt voor haar – nochtans best goede – baan. Waar komt haar onvrede vandaan?

JL: “Het is die typische zoektocht van dertigers vandaag. Is dit werk mijn passie? Moet ik wat anders gaan doen? Deze generatie heeft zoveel mogelijkheden dat ze twijfelt aan elke keuze. Mascha is bacterioloog, ze doet onderzoek dat anderen interessant vinden, maar zelf weet ze het niet zo goed. Zo ken ik veel mensen. Die altijd maar twijfelen of niet doorzetten of er niet voor durven gaan, ondanks hun talent. Zelf ben ik heel dankbaar dat ik precies weet wat ik wil: schrijven.”

 

ELLE: Net als haar eigen moeder vindt Mascha het moederschap behoorlijk vermoeiend voor een intellectuele vrouw. Voel jij dat ook zo?

JL: “Het is onvermijdelijk dat kunstenaars en denkers zich soms gestoord voelen door hun kinderen of een ‘normaal’ gezinsleven. Je kunt je hoofd namelijk niet stilzetten. Een idee of inspiratie voor een verhaal kan heel ongelegen komen. Het is lastig wanneer kinderen en je werk door elkaar lopen. Maar kinderen zijn ook heel stimulerend. Mijn dochter is tien, mijn zoon zes. Ik vind het fascinerend zoals ze me spiegelen. Ik leer veel over mezelf door gewoon naar hen te kijken.”

Tip van de maand in de Vlaamse ELLE

Misschien wel niet nu al tip van de maand in de Vlaamse ELLE!

De schrijfster is een filosofe, maar geen type dat afstandelijk beschouwt. Ze ontleedt de tijdsgeest van binnenuit en duwt haar hoofdpersonage Mascha head first in het moderne leven. Mascha heeft een Internetminnaar, een brave (hoewel overspelige) echtgenoot, twee vermoeiende zoontjes, een carrière die pit mist, een oma die sterft en vrienden met wie ze thuis liederlijk avondjes beleeft. “Ik wou een boek schrijven dat aansluit bij het leven van nu,” vertelt Loontjens. “En dit leven is snel, dus het moest een compact boek zijn.” Misschien wel niet is een bondig boek, maar de ideeën hebben zwaarte en de schrijfstijl verraadt attitude. Tip van de maand!