Gedichtenbal

Gedichtenbal

Op 5 februari hebben Sven Weyens en ik voor het eerst als Aapnoot opgetreden op het Gedichtenbal. We hebben enkele van onze gedichten op muziek laten horen. Voor het eerst, dus erg spannend, maar het was een feest: naast de wat melancholieke nummers, zoals deze hier, hebben we ook ‘dance-gedichten’ laten horen! 

Hier een voorproefje.

Gedichtenbal

Aapnoot portretOptreden gedichten op muziek op Gedichtenbal

In deze samenwerking tussen een schrijver en een cellist zijn gedichten van Jannah Loontjens door Sven Weyens op muziek gezet. Het resultaat is een betoverende voorstelling.

Beluister een nummer: https://soundcloud.com/tags/aapnoot

Zie voor reserveringen: http://www.wintertuin.nl/programmas/gedichtenbal/ 

De meeuw en de psychiater

Gesprek tussen de meeuw en de psychiater

Portret_aapnootGesprek tussen de meeuw en de psychiater is een luisterboek, waarvoor de musicus Sven Weyens gedichten van mij op muziek heeft gezet. Voor de opnames van dit luisterboek hebben Sven en ik – wij noemen onszelf Aapnoot – met succes een crowd funding actie voltooid op voordekunst. Hiervoor maakten Mark Veldhuijzen van Zanten en Ivar van Hoorn een fantastisch filmpje dat nog altijd te zien is op youtube.Het luisterboek zal in het najaar bij Ambo|Anthos verschijnen.

Gesprek tussen de meeuw en de psychiater

Portret_aapnootdoor Aapnoot.

 

In het muzikaal luisterboek Gesprek tussen de meeuw en de psychiater wordt elk gedicht doorgecomponeerd vanuit improvisatie, in samenspel met muziek.

Jannah Loontjens ontvouwt in haar gedichten een eigenzinnige wijze van naar de wereld kijken. Soms licht vervreemdend, maar altijd herkenbaar. Zo ook de muziek van Sven Weyens, die het karakter van de gedichten versterkt.

De luistergedichten zijn contrasterend en gevarieerd. Er zijn gedichten die meer een filmisch karakter hebben, andere neigen naar dance, weer andere zijn een melancholische dialoog tussen stem en cello, gitaar, blokfluit, darboeka en tal van andere instrumenten.

Poëzie bereikt vaak slechts een klein publiek, maar met dit luisterboek kan daar verandering in komen. De luistergedichten zijn op elk gewenst moment te beluisteren, geven de poëzie een filmische sfeer, swingend en soms ludiek.

 

Sven en Jannah noemen zich samen Aapnoot.

Voor een voorproefje van enkele luistergedichten klik hier.

Auteur

‘Ik zal niet ontkennen dat ik een hippiekind ben geweest, toch heb ik doorgaans niet het gevoel dat het over mij gaat als ik zo’n portret teruglees. De hippietijd ligt al zo’n dertig jaar achter me en in de tussentijd zijn er veel andere dingen gebeurd. Zo ben ik bijvoorbeeld begonnen met schrijven, ik heb filosofie gestudeerd, wilde fotograaf worden, ontwikkelde foto’s in een donkere kamer in New York, ben gepromoveerd in literatuurwetenschap, ik ben moeder van twee kinderen, ben kraker, huiseigenaar en huurder geweest, experimenteerde met drugs, heb veel gelift en zwartgereden, heb samengewoond met lieve en lastige mannen, ben gescheiden, heb met een vriend in een bus door Spanje rondgetrokken, heb colleges gevolgd bij Derrida, depressies gehad en ben ze weer te boven gekomen, heb allerlei baantjes gehad, van gogodanser in nachtclubs, verkoper in een bloemenwinkel en boekenwinkels tot filosofiedocent, om maar een bonte verzameling van mogelijke momenten te noemen die zich na mijn kindertijd in de Zweedse bossen hebben afgespeeld.
Sommige van de ervaringen die ik zo even in de gauwte opnoem, waren van grote invloed op mijn denken en leven, anderen waren vluchtig en hoorden bij een bepaalde periode die ik zomaar zou kunnen vergeten. Toch zou ook een enkele gebeurtenis van weinig belang in een interview of verhaal tot een scharnierpunt kunnen worden, soms vooral omdat de interviewer zich er zelf in herkent of juist omdat hij het exotisch vindt. Elke anekdote prikt een ander gaatje in de kijkdoos van het verleden, waardoor we een leven in het straaltje licht beschouwen dat door het moment van die ene anekdote, dat ene toevallige kijkgaatje valt.’
Fragment uit Mijn leven is mooier dan literatuur (2013).

Beknopte biografie:  
Jannah Loontjens is in Denemarken geboren, ze groeide op in Zweden en Nederland. Haar eerste roman, Veel geluk, die zich deels in Zweden afspeelt en deels in Den Haag, is in 2007 bij Prometheus verschenen. Haar tweede roman Hoe laat eigenlijk verscheen in 2011 en werd genomineerd voor de Halewijn-literatuurprijs.
De dichtbundel Varianten van nu verscheen in 2002 bij Bert Bakker, haar tweede bundel Het ongelooflijke krimpen in 2006 bij Prometheus. In 2013 publiceerde ze de dichtbundel Dat ben jij toch bij Ambo, alsook de essaybundel Mijn leven is mooier dan literatuur.
Bij Ambo|Anthos verscheen ook de roman Misschien wel niet en het autobiografische filosofieboek Roaring Nineties: Of hoe de filosofie mijn leven heeft veranderd.

In 2018 verscheen Wie weet, een roman die zich afspeelt op de dag van de aanslag op Charlie Hebdo.  

In 2019 verscheen Als het over liefde gaat bij Uitgeverij Podium, een reisverhaal in de voetsporen van schrijver Frida Vogels.

In 2021 verscheen Schuldig: Een verkenning van mijn geweten, een essayistische, filosofische ontboezeming en zoektocht naar de oorsprong van haar schuldgevoelens.  

Loontjens schrijft opiniestukken en recensies voor Trouw, NRC en de Volkskrant.
Sinds 2017 verzorgt ze een maandelijkse rubriek in Filosofie Magazine, waarin ze filosofen bespreekt die van invloed zijn geweest op haar denken en schrijven.
Tevens schrijft ze poëzierecensies voor Awater. Eerder schreef ze over poëzie en filosofie voor o.a. De Groene Amsterdammer. Naast haar schrijverschap, doceerde Loontjens filosofie en literatuuranalyse aan de UvA, ArtEZ, Gerrit Rietveld Academie en ISVW.  
In 1999 studeerde ze af bij filosofie (UvA) op Heideggers denken over Hölderlin. Een deel van haar filosofiestudie volbracht zij in New York aan de New School for Social Research. In 2012 promoveerde ze bij de leerstoelgroep Algemene Literatuurwetenschap aan de Universiteit van Amsterdam.  
Ze publiceerde gedichten in o.a. de literaire tijdschriften Awater, Tirade, Het Liegend Konijn, Raster en Parmentier. Haar gedichten werden onder meer gebloemleesd in Komrij’s Nederlandse poëzie van de 19de tot en met de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten (Bert Bakker, 2004), Dagkalender van de poëzie 2004 & 2006 (Meulenhoff, 2004 / 2006 / 2008), De verhuizing (Prometheus, 2003), Nooit te vangen met haar eigen pen; de vrouwelijke stem in de Nederlandstalige poëzie in 200 gedichten (Poëziecentrum Gent, 2005), Vonken (Prometheus, 2007), De 100 beste gedichten voor de VSB Poëzieprijs 2013, De Arbeiderspers 2013.